| |
het zien |
| |
Informatieavond zie oogartsen
Het oog is te vergelijken met een zeer geavanceerd fototoestel. In beide gevallen is er sprake van een bundeling van lichtstralen en een lichtgevoelige achterlaag. In het oog wordt de bundeling (of breking) van de lichtstralen voornamelijk verzorgd door de ooglens en het hoornvlies.
Het hoornvlies is het doorzichtige buitenste deel van het oog. In een oog dat geen bril nodig heeft, worden evenwijdige lichtstralen uit de verte zodanig gebroken, dat zij op het netvlies in één punt samenkomen. Zo ontstaat een scherp beeld. Vervolgens wordt dit beeld in de vorm van zenuwimpulsen via de oogzenuw naar de hersenen gebracht. |
|
| |
Er zijn drie verschillende brekingsafwijkingen van het oog mogelijk: bijziendheid (myopie), verziendheid (hypermetropie) en een cylindrische afwijking (astigmatisme).
Bijziendheid Voor bijzienden geldt dat het hoornvlies en de ooglens de binnenvallende lichtstralen te sterk breken. Lichtstralen uit de verte komen dan vóór het netvlies samen, zodat er op het netvlies een onscherp beeld ontstaat. Voorwerpen die dichtbij zijn, kunnen wel scherp worden waargenomen. Deze afwijking kan worden gecorrigeerd met een bril of contactlenzen met negatieve sterkte ("min").
Verziendheid Voor verzienden geldt dat het hoornvlies en de ooglens de binnenvallende lichtstralen niet sterk genoeg afbreken. De stralen komen dan áchter het netvlies samen, waardoor ook een onscherp beeld ontstaat. Door te accommoderen -de ooglens wordt dan boller- kan in de verte toch goed worden gezien. Met het ouder worden wordt het accommoderen minder gemakkelijk en gaat verziendheid meer klachten geven (bijvoorbeeld moeheid of hoofdpijn). Dan wordt deze afwijking gecorrigeerd met een bril of contactlenzen met positieve sterkte ("plus").
Cylindrische afwijking Wanneer de breking van het binnenvallende licht in één richting sterker is dan in de andere, tegenoverliggende richting, spreken wij van astigmatisme. Dit kan worden veroorzaakt door een afwijkende kromming van het hoornvlies, zoals de vorm van een rugbybal. Astigmatisme kan op zichzelf optreden, maar ook in combinatie met bijziendheid of verziendheid. Het veroorzaakt een wazig of een in één richting vervormd, opgerekt beeld.
|